Wie door de Champagne reist, komt steeds dezelfde woorden tegen. Chardonnay en meunier verwijzen naar druiven; grand cru naar een dorp; brut naar de droogte van de wijn. Zodra je weet welke vraag bij welk woord hoort, wordt een bezoek aan een wijnhuis interessanter en kies je met meer vertrouwen wat je wilt proeven.
Eerst het landschap en de druiven
Champagne is een beschermde herkomst met veel verschillende wijndorpen en percelen. Chardonnay, pinot noir en meunier zijn de belangrijkste druiven, aangevuld met vijf zeldzamere rassen. Een druif krijgt betekenis wanneer je ziet waar hij groeit en hoe de maker ermee werkt.
Begin met een ras dat je nieuwsgierig maakt. Ga daarna naar de streek die ermee verbonden is. Zo blijft wijnkennis een onderdeel van je reis, in plaats van een lijst termen die je moet onthouden.
Daarna de keuzes in de kelder
Assemblage, tweede gisting en rijping bepalen mee hoe de wijn wordt. Op het etiket vind je aanwijzingen, zoals blanc de blancs, millésime en brut. Grand cru en premier cru gaan over de historische indeling van wijngemeenten. Geen enkele term vertelt in zijn eentje hoe een fles zal smaken.
Gebruik de gidsen hieronder als route door die onderwerpen. In een proeflokaal kun je vervolgens gerichter vragen stellen over de druiven, herkomst en tijd in de kelder.
